Wat verdwijnt en wat blijft

In de IT-wereld praten we graag over innovatie, digitalisering en de toekomst. Over AI, automatisering en “future proof” werken. Maar eerlijk gezegd voelt de toekomst soms verdacht veel als het verleden, alleen met een snellere internetverbinding. Niet omdat alles hetzelfde blijft, maar omdat de patronen zich herhalen. Beroepen verdwijnen, nieuwe ontstaan en ergens tussendoor zitten mensen met passie, diploma’s en een lichte twijfel: heb ik wel de juiste richting gekozen?

Niet vanuit weer een trendrapport of een consultancyvisie, maar vanuit iets persoonlijks dat verrassend goed aansluit bij de vragen waar veel IT-verantwoordelijken vandaag mee zitten. Over talent, opleidingen, waardering en wat je doet als je passie niet (meer) aansluit bij de arbeidsmarkt.

Een vakschool die me vormde, maar niet mijn beroep werd

Toen ik in 1988 de horlogemakersvakschool verliet, wist ik eigenlijk al dat ik nooit horlogemaker zou worden. Niet omdat het vak me tegenstond, maar omdat ik me toen al goed besefte dat een carrière als horlogemaker geen vanzelfsprekendheid meer was.

Het digitale horloge had zijn intrede gedaan. Casio was hot. Batterijen namen het over van veertjes. En ineens was een ambacht waar je jaren voor moest studeren, iets aan het worden voor een kleine niche van verzamelaars en romantici.

Dankzij mensen als Tonnie Oud van woningstichting Wherestad en de mensen om mij heen heeft mijn leven een totaal andere wending genomen. Een wending waar ik nog steeds heel blij mee ben en met veel tevredenheid op terugkijk.

De techniek is me altijd blijven intrigeren. Op gezette tijden word ik nog steeds gelukkig van het restaureren van een oude bromfiets, of zoals nu van het maken van een klok. Een klok van olijfhout dat we afgelopen september meenamen uit Frankrijk, met een uurwerk uit eind 1800 dat ik afgelopen weekend vond op een beurs in Houten.

Het vak is geen beroep meer. Het is een passie. En dat voelt oké.

Front-end developer als de horlogemaker van nu?

Een zoon van een vriendin hielp ons met de implementatie van een nieuw TMS. Hij doet een mbo-opleiding front-end development. Een enthousiaste, slimme jongen die zijn toekomst zag in websites bouwen en interfaces ontwerpen.

En daar knaagde iets.

Niet omdat zijn ambitie fout was, maar omdat ik even diezelfde déjà vu voelde als in 1988. WordPress, no-code tools, low-code platforms en AI-oplossingen doen voor front-end development ongeveer wat Casio ooit deed voor de horlogemaker. Ze maken iets toegankelijk. Makkelijker. Sneller. En dus… minder schaars.

Ik merkte dat ik zat met een ongemakkelijke vraag. Hoe vertel je een mbo-student dat hij een opleiding volgt waar straks mogelijk weinig werk in te vinden is? Dat het vinden van een stageplek misschien net zo zeldzaam wordt als een iglo op de Noordpool: ze bestaan, maar je gaat ze niet zomaar tegenkomen.

En nog belangrijker: waarom leiden we nog steeds mensen op voor functies waarvan we eigenlijk weten dat ze onder druk staan? Denk ik nu te kort door de bocht, of lopen we structureel achter de werkelijkheid aan?

Een herkenbaar dilemma voor IT-verantwoordelijken

Als jij verantwoordelijk bent voor IT binnen een organisatie herken je dit patroon. Je ziet technologische ontwikkelingen aankomen, vaak eerder dan de rest. Je weet dat bepaalde functies gaan veranderen of zelfs verdwijnen. En tegelijk zie je jonge mensen binnenkomen die daar hun hele identiteit aan ontlenen.

De ene medewerker is opgeleid voor iets dat over vijf jaar grotendeels geautomatiseerd is. De andere zit op een rol waar nauwelijks kandidaten voor te vinden zijn. En dan hebben we het nog niet eens over de mismatch tussen onderwijs, arbeidsmarkt en technologische realiteit.

De kernvraag is eigenlijk dezelfde als die ik mezelf stelde: moet je je passie volgen als je er waarschijnlijk niet van kunt leven? Of moet je die passie, net als mijn klok, terugbrengen tot een hobby en hopen dat er wel weer een nieuwe passie komt die wél de hypotheek betaalt?

De waarde van doeners in een denkwereld

Misschien ligt het antwoord niet alleen in technologie, maar juist in waardering.

Want terwijl we praten over AI, cloudmigraties en digitale transformatie, vergeten we soms wie dit allemaal mogelijk maakt. Onze mbo’ers. De technici. De monteurs. De logistieke planners. De mensen met gouden handjes én een praktische instelling.

Met alleen universitair geschoolde denkers bouwen we geen huizen, rijden er geen vrachtwagens en worden er geen netwerkkabels getrokken. En zonder die laatste draait ook de meest innovatieve IT-afdeling nergens meer op.

We mogen best kritisch kijken naar opleidingen die achterlopen op de praktijk. We mogen ook eerlijk zijn tegenover jongeren over de realiteit van de arbeidsmarkt. Maar we moeten vooral zorgen dat we creatieve mensen en doeners beter leren waarderen. Niet alleen in salaris, maar ook in status, aandacht en doorgroei.

In IT-termen: zonder backend draait de frontend nergens op. En zonder de mensen die de boel installeren, onderhouden en repareren, blijft alles een mooi PowerPoint-verhaal.

Geen spijt, wel een les

Als ik terugkijk op mijn tijd op de horlogemakersvakschool, denk ik geen moment: was ik maar horlogemaker geworden. Ik ben blij met de wending die mijn leven heeft genomen.

Het heeft me wel geleerd dat niets zo veranderlijk is als de arbeidsmarkt en niets zo waardevol is als een brede technische basis, een gezonde nieuwsgierigheid en mensen om je heen die in je geloven.

Voor alle mbo’ers die een keuze maken die misschien niet helemaal past bij de huidige tijd, zou ik willen zeggen: soms zit het mee, en meestal komt er wel weer wat anders op je pad.

Misschien is dat wel de belangrijkste constatering in een tijd waarin alles steeds sneller tikt.

Net als een goede klok trouwens.

Laat een reactie achter:

Je e-mailadres zal niet worden gepubliceerd.

Site Footer